Persberichten... Kamer vragen
Antwoord kamervragen onderhoud onderzeeboot Hr Ms Zeeleeuw
Jolly Roger

Antwoord kamervragen onderhoud onderzeeboot Hr Ms Zeeleeuw

Datum 30 november 1998,

Vraagstellers: Tweede-Kamerleden der Staten-Generaal, de heer Van den Doel, de heer Balemans en de heer Zijlstra.

 

Bijlage 1 behorende bij de brief van de Staatssecretaris van Defensie, nr. D98003419, d.d. 30 november 1998

Antwoorden op de vragen van de Tweede-kamerleden van den Doel en Balemans (VVD) over onderhoud aan de onderzeeboot Hr Ms Zeeleeuw (Ingezonden 23 oktober 1998)

Vraag 1: Is het waar dat het onderhoud aan de onderzeeboot Hr Ms Zeeleeuw niet plaatsvindt bij de Rijkswerf te Den Helder, maar wordt uitbesteed aan de RDM? 1)

Vraag 2: Zo ja, heeft de Rijkswerf hier geen toereikende capaciteit voor? Indien de capaciteit toereikend is, waarom vindt dan geen onderhoud plaats bij de Rijkswerf?

Vraag 3: Ontstaat er door de uitbesteding van onderhoud aan de onderzeeboot een overcapaciteit bij de Rijkswerf? Zo ja, wat zijn hier de financiële consequenties van?

Antwoord op de vragen 1, 2 en 3: Nee, het tussentijds onderhoud van Hr.Ms. Zeeleeuw, waarover in het krantenbericht wordt gesproken, zal worden uitgevoerd bij het Marinebedrijf.

Vraag 4: Is het onderhoud bij de RDM substantieel goedkoper dan het onderhoud bij de Rijkswerf? Zo ja, hoeveel?

Vraag 5: Indien het onderhoud bij de RDM duurder is dan bij de Rijkswerf, acht u deze beslissing gezien de budgettaire situatie van defensie dan verstandig?

Antwoord op de vragen 4 en 5: Er is voor dit onderhoud geen verzoek tot offerte bij de RDM gedaan. Een vergelijking is daarom niet mogelijk.

Vraag 6: Als defensiemateriaal, terwijl er voldoende capaciteit binnen defensie aanwezig is, toch wordt uitbesteed, mag dan het betreffende bedrijf civiele orders verwerven om zijn overcapaciteit doelmatig in te zetten? Zo neen, waarom niet?

Antwoord vraag 6: Ingevolge de 'aanwijzingen inzake het verrichten van marktactiviteiten door organisaties binnen de rijksdienst' (vastgesteld 8 mei 1998) kan eventuele restcapaciteit bij uitzondering aangewend worden ten behoeve van (civiele) marktactiviteiten, indien aan bepaalde voorwaarden (onder andere gericht op de concurrentiecondities) voldaan is.

1) Helderse Courant, 15 oktober jl.

 

Bijlage 2 behorende bij de brief van de Staatssecretaris van Defensie, nr. D98003419, d.d. 30 november 1998

Antwoorden op de vragen van het Tweede-kamerlid Zijlstra (PvdA)over onderzeeboten van de Koninklijke Marine (2989902390)

Vraag 1: Wordt het onderhoud aan de onderzeeboten van de Koninklijke Marine verricht door de RDM? 1)

Vraag 2: Zo ja, waarom wordt het onderhoud aan deze schepen niet gepleegd bij de Rijkswerf te Den Helder?

Vraag 3: Welke overwegingen liggen aan het gevoerde beleid ter zake ten grondslag?

Antwoord op de vragen 1, 2 en 3: In principe vindt het onderhoud van het materieel van de Koninklijke Marine plaats bij het Marinebedrijf.

In overeenstemming met de Prioriteitennota is de gemiddelde omvang van het Marinebedrijf afgestemd op de minimale behoefte (zoals ook aangegeven in antwoorden op schriftelijke vragen naar aanleiding van de ontwerpbegroting 1998, kamerstuk 25 600 X, nr. 20). Het voordeel hiervan is dat de beschikbare capaciteit volledig wordt benut. Pieken in de werklast worden opgevangen door inhuur en uitbesteding. Zo blijven de kosten van onderhoud over meer jaren bekeken het laagst. Jaarlijks wordt, aan de hand van het feitelijke aanbod, een nieuwe afweging gemaakt tussen het uitvoeren van onderhoud in eigen beheer of inhuur en uitbesteden.

Tot nu toe heeft het hoger onderhoud van de eerste drie Walrus-klasse onderzeeboten plaatsgevonden bij de RDM. Zoals aangegeven in voornoemd kamerstuk is - vanwege capaciteitstekort - ook voor de vierde boot uitbesteding van het zogenaamde meerjarig onderhoud voorzien. Het komende tussentijds onderhoud van Hr.Ms. Zeeleeuw zal plaatsvinden bij het Marinebedrijf.

Vraag 4: Worden er periodieke offertes gevraagd van beide bedrijven?

Vraag 5: Zo neen, waarom niet?

Vraag 6: Zijn we prijsverschillen tussen de RDM en de Rijkswerf met betrekking tot dit onderhoud? Zo ja hoeveel op jaarbasis?

Antwoord op de vragen 4, 5 en 6: Er is geen sprake van concurrentiestelling tussen het Marinebedrijf en de RDM. Het beleid is dat uitbesteding alleen plaatsvindt indien er onvoldoende capaciteit is bij het Marinebedrijf. Periodiek aanvragen van offertes is daarom niet aan de orde.

Bij inbestedingen van onderhoud bij het Marinebedrijf worden ramingen en kostenniveaus getoetst in het kader van het contractmanagement. Het gaat daarbij om additionele kosten en niet om een integrale kostprijs. Vergelijking met een commerciële offerte is daarom niet zinvol.

Toelichting: Deze vragen dienen ter aanvulling op de eerdere vragen terzake van de leden Van den Doel en Balemans, ingezonden 23 oktober 1998.

 

DE STAATSSECRETARIS VAN DEFENSIE,

H.A.L. van Hoof

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Do you have any comments, corrections, additions or do you have material like stories, photos or other data available for this or any other page on this website? Then please do not hesitate to contact us at webmaster@dutchsubmarines.com

 


Jolly Roger Home Classes Boats Tenders News Export Jolly Roger
R&D Men Books Pictures Links
Models M-media Specials Forum Search Help US !
Copyright © 1997-2006 - Design and content DutchSubmarines.com